GR 571 Wandeltip

Fonds de Quarreux 

Op Weg 2017-6: Valleien en hun legendes

Waalse GR-paden zijn erg geliefd bij Vlaamse wandelaars, daarom starten we een nieuwe reeks wandeltips in het zuiden van ons land. Telkens koppelen we een globale presentatie van een 'sentier' aan twee dagetappes op de route.

Tekst en foto's Luc Verdegem

'Route van valleien en legendes' is een mooie naam voor een 165 km lang GR-pad door de diepe Ardennen. Klinkt avontuurlijk en ook wel wat mysterieus. Onderweg op GR 571 volgen we achtereenvolgens de valleien van de Amblève, de Salm en de Lienne. Maar zijn de Ardennen niet een en al rivierdalen? En wat met die legendes? Op deze GR kruiden enkele oude verhalen de sfeer, maar zo goed dekt de titel de lading nu ook weer niet.
Wat maakt GR 571 dan zo speciaal? Zijn het die altijd wisselende landschappen, soms indrukwekkend, soms lieflijk en dan weer ruig? Of de dorpen in grijze steen, zo contrasterend met het oranje bakstenen Vlaanderen? Of de kastelen en ruïnes hoog boven de rivieren? De gezellige stadjes op mensenmaat? Niet echt, ook die kenmerken vind je bij tal van andere GR's in Wallonië.

Ons viel vooral op dat dit pad aanvankelijk een populair toeristisch traject volgt, om dan een nauwelijks gekende en zelfs moeilijk bereikbare streek in te duiken. Dat tweede deel hoeft qua aantrekkelijkheid nauwelijks onder te doen voor het eerste, integendeel. Bij ons roept dat vragen op. Waarom is de ene streek wel, en de andere niet toeristisch? Waarom zijn stilte, verlatenheid en een geïsoleerde ligging niet even gewild - zo niet zelfs meer - dan spectaculaire rotswanden, grotten, pretparken en heksenfeesten?

GR 571 vertrekt in Comblain-au-Pont, een populair plaatsje waar de Amblève uitmondt in de Ourthe. Het traject volgt eerst de Amblèvevallei tot in Trois-Ponts, langs Aywaille, Remouchamps, Stoumont en Coo. Vanaf Trois-Ponts maakt de Amblève plaats voor de Salm. Via Vielsalm en Salmchâteau gaat het tot de bron van deze rivier. Allemaal bekende namen? Inderdaad, dit is het toeristische deel.

Daarna trekt de route naar Gouvy en vervolgens naar Lierneux, waar ze de Lienne ontmoet. Via Bra en Chevron volgen we deze waterloop tot ze bij Targnon in de Amblève uitmondt en de cirkel rondmaakt. Deze namen zeggen je niets meer? Toch was dit deel voor ons dé ontdekking van GR 571. Om een idee te geven van wat we bedoelen, pikken we twee etappes uit het traject. De ene is een klassieker, de andere een verborgen parel.

 

Chefna 

ETAPPE 1

Remouchamps - Stoumont

Deze 16 km lange tocht mag je gerust een toeristische 'topstapper' vol afwisseling noemen. De hoogteverschillen zijn niet te onderschatten, maar echt steil wordt het nooit.
Start en aankomst zijn makkelijk bereikbaar. TEC bus 142 verbindt meer dan de helft van de GR 571 route tussen Comblain-au-Pont en Gouvy, en stopt onder meer in Stoumont en Remouchamps. Zelf stapten we dit traject als onderdeel van een driedaagse met als basis een camping in Comblain-au-Pont. Dankzij de bus konden we de tent laten staan en telkens met een dagpack verschillende dagetappes lopen.

Op de VecquéeVertrekpunt is Remouchamps aan de Amblève. De plaats is vooral bekend voor zijn grottencomplex en de ondergrondse rivier, de Rubicon. Alhoewel een bezoek aan de feeëriek verlichte grotten een must is, kiezen we toch liever voor het daglicht en pikken we de wit-rode GR-tekens op. Meteen verwerken we de stevigste stijger van de dag. Om een grote Amblèvemeander af te snijden, kruipt een smal asfaltwegje onder het E25-viaduct 110 meter hoger. De uitzichten boven maken veel goed. Een lange afdaling door bos brengt ons terug bij de rivier.

De plaats heet Sedoz, er is een parking en een taverne en het kan er soms behoorlijk druk zijn. Dit is waar de Ninglingspo uitmondt in de Amblève. Het riviertje is een van de snelst stromende in België. Bekende plekjes langs de loop zijn de Chaudière waterval en het Bad van Diana. Maar GR 571 heeft voor ons iets anders in petto: de Fonds de Quarreux, een stuk Amblève dat bezaaid ligt met enorme rotsblokken. Uiteraard is er een legende verbonden aan dit natuurfenomeen. Hoe je ht ook verklaart, het is terecht een van de mooiste stukjes Waals landschapspatrimonium.

Volgend onderdeel van de tocht is het valleitje van de Chefna. Het wordt vaak in één adem genoemd met de Ninglingspo omdat je beide kan combineren. Toch is het heel wat minder bekend, en dat zal wel te maken hebben de totale afwezigheid van horeca en parking. Persoonlijk vinden we dit valleitje echter aantrekkelijker. Het is smaller, wilder, en oogt daardoor nog intiemer. Ook hier wisselen watervalletjes af met glad uitgesleten poelen waarin een enkele bezoeker zelfs languit ligt te baden. Zou die weten dat er ooit in dit riviertje (een beetje) goud werd gevonden?

De verkenning van de Chefna is boeiend genoeg om bijna te vergeten dat het voortdurend omhoog gaat. Eenmaal het brongebied voorbij, komen we terecht op de Vecquée, de eeuwenoude weg die de prinsbisschoppen van Luik volgden naar de abdijen van Malmedy en Stavelot. Bij het Honnaykruis staan we op 560 m hoogte. 400 m gestegen! Boven de kurkdroge en winderige hoogvlakte cirkelt af en toe een helikopter, speurend naar elk rookpluimpje dat in een mum van tijd een ramp kan worden.
We zijn het hoogste punt voorbij. Bij het gehucht Monthouet ontplooien zich prachtige vergezichten. Zelfs van op de Hoge Venen krijgt je dit soort dieptepanorama's niet te zien. Eindigen doen we in Stoumont. Hier woedde het Ardennenoffensief op zijn hevigst, maar verder kwamen de Duitsers niet. Of waarin een klein plaatsje toch groot kan zijn.

 

Bra 

ETAPPE 2

Lierneux - Trou de Bra

77 km verder op het traject staan we in Lierneux. On tegenstelling tot Remouchamps is dit voor de meeste Vlamingen een relatief onbekende plaats, ook veel moeilijker bereikbaar. Misschien doet de naam een belletje rinkelen bij fans van Alpijns skiën. Verder is Lierneux voor Wallonië zowat de evenknie van Geel. Een psychiatrisch centrum vangt er al 125 jaar patiënten op in een familiale omgeving.

Bij deze wandeletappe van 19 km hebben we niet de luxe van een rechtstreekse en regelmatige verbinding tussen start- en eindpunt. We bereiken Lierneux pas na het middaguur met een bus vanuit Vielsalm. De halte ligt op de plaats van het vroegere buurtspoorstation. Er pronkt een trammetje dat zo weggeplukt lijkt uit een oude postkaart. Het reed tot 1958 van Vielsalm via Hébronval tot Lierneux. Daarna werd het vervangen door de bus die nu nog maar een paar ritten per dag doet. Of hoe een afgelegen streek door een funeste openbaar vervoerpolitiek nog meer geïsoleerd raakt.
Vanuit Trou de Bra rijden we 's avonds met een bus naar Aywaille om daar aansluiting te vinden op het spoorwegennet. Die bus is de enige die er in de namiddag passeert, en dan nog alleen op werkdagen.

Pont de ChailleHet is eind winter, de dagen zijn nog kort. De laatste sneeuw is hard aan het wegsmelten en dat zal een bijzonder cachet geven aan deze tocht. In de buurt van Lierneux ontspringt de Lienne, maar in het begin merken we niets van het prille stroompje. We stappen naar Lansival, ondereg genietend van het zicht op de met sneeuwflarden bedekte heuvels en de omliggende dorpen. Wat verder dalen we naar het riviertje. Een kolkende watermassa stroomt onder de Pont de Chaille door. De Lienne is nog net niet buiten haar oevers getreden, iets wat in deze vallei regelmatig gebeurt. De schistplaten van het brugje komen dan onder water te staan, maar hebben het geweld tot nu toe altijd goed doorstaan. Aan de overkant is het pad over zo'n 20 meter een zijarm van de rivier geworden. Door struikgewas en op de boshelling omzeilen we het water. Waterdichte stapboots zijn geen overbodige luxe.

De tocht stijgt en daalt voortdurend maar wordt nooit echt zwaar. Tussen Hierlot en Les Villettes daalt het naar de Ruisseau du Bois des Fagnes en dan weer naar de Lienne. Overal dezelfde onstuimige watertaferelen.
In Bra passeren we het kasteel Naveau, waar een Amerikaanse generaal zich even installeerde in een poging om een halt toe te roepen aan het Ardennenoffensief. Bra heeft ook een helihaven waar een medisch team kan opstijgen bij spoedgevallen. Het zegt veel over de moeilijke bereikbaarheid van de streek.

Ondertussen staat de zon al heel wat lager. Tussen de bomen valt de duisternis vlug in, avondnevels stijgen uit de grond. Af en toe is het klauteren over omgevallen bomen en takken. Het gewicht van de sneeuw heeft zijn tol geëist. We dalen af naar de vallei van de Chavannebeek. Op deze laaggelegen plaatsen dringt maar weinig zon door. De temperatuur zakt merkbaar, er ligt nog heel wat sneeuw.

In het gehucht Sur le Thier staat er een 600 jaar oude kruleik. De imposante boom zou een van de mooiste van Wallonië zijn. We hebben alleen nog een korte afdaling voor de boeg tot in Trou de Bra. Het is nu echt goed donker., beneden brandt de straatverlichting al. We zijn nog 45 minuten te vroeg voor de bus. Eén voor één zien we de sterren verschijnen. In de verte blaft een hond, af en toe verlicht een voorbijrijdende auto twee ineengedoken silhouetten in het wachthokje.

 

PRAKTISCHE INFO

De topogids van GR 571 is momenteel uitverkocht, maar er wordt aan een nieuwe gewerkt. Meer info op grsentiers.org waar je ook de gpx-track kunt downloaden. Meer info en foto's vind je ook hier in de rubriek GR's in Wallonië (in voorbereiding).