GR 575/576 Wandeltip

GR 575/576 

Op Weg 2018-2: Zeg niet Ardennen als je in de Condroz bent

Ooit wandelden we vanuit Hanuit naar Hoei de taalgrens over, en riepen we uit dat we eindelijk in de Ardennen waren! Een kenner merkte toen droogjes op dat we nauwelijks aan de rand van de Condroz stonden, een streek die totaal anders is dan de Ardennen. In Vlaanderen verwar je het Hageland toch ook niet met Haspengouw, of de Polders met het Heuvelland?

Tekst en foto's Luc Verdegem

Die opmerking zat! Met het schaamrood op de wangen moesten we vaststellen dat zelfs onze oude schoolatlas de Condroz kende. Om er meer over te weten richtten we de blik dan maar op GR 575/576, ook wel 'de Ronde van de Condroz' genoemd. De cijfers verwijzen naar wat vroeger twee aparte GR-trajecten waren, een Naamse en een Luikse Ronde van de Condroz. Enkele jaren geleden werden beide samengevoegd en sindsdien kan je bijna 300 km lang de streek verkennen.

De Condroz wordt vooral getypeerd door een opeenvolging van tiges en chavées. Op een kaart verraden de hoogtelijnen een reeks langgerekte, zuidwest naar noordoost georiënteerde heuvels. De heuvelruggen worden tiges genoemd (in de Ardennen spreekt men van crêtes). Tussen die heuvels biedt de kalksteenondergrond veel minder weerstand. Dit zijn de lagergelegen delen of valleien, de chavées.

Alhoewel minder spectaculair dan de echte Ardennenpaden is de Ronde van de Condroz allesbehalve een saaie bedoening. Officieel vertrekpunt is Ciney, hoofdplaats van de streek. Het is een stadje met amper 16.000 inwoners, bekend voor zijn veemarkt, maar ook voor zijn rol in de vreselijke Oorlog van de Koe. Omwille van een gestolen koe werden tussen 1275 en 1278 meer dan 60 dorpen in de Condroz vernield en kwamen 15.000 mensen om. Vanuit Ciney flaneer je door open landschappen tussen ingeslapen dorpen met nu eens grijze, dan weer gele natuurstenen gebouwen. Sommige, zoals Crupet, Celles, Mozet en Deigné, behoren tot de mooiste dorpen van Wallonië.

De Condroz is vooral een vruchtbaar landbouwgebied waar je relatief weinig bossen aantreft. De hoogtes variëren tussen 180 en 340 meter. Alhoewel dunbevolkt heeft de streek toch een bewogen en boeiende cultureel-economische geschiedenis. Prachtige Romaanse kerkjes (Celles, Saint-Séverin) en donjons en trotse kastelen (Spontin, Vervoz, Harzé) getuigen van een rijk en welstellend verleden. En ook de natuur laat zich niet onbetuigd. De valleien van de Bocq, de Samson en de Hoyoux, net als de vallei van de 'chantoirs' (verdwijngaten) tussen Louveigné en Remouchamps, zijn verborgen parels. Geniet even mee van twee wandeletappes op het GR 575/576 traject.

 

Langs de Ourthe  

ETAPPE 1

Esneux - Sprimont

Esneux is een bekend toeristisch plaatsje langs de Ourthe, makkelijk bereikbaar in een halfuurtje met de bus of de trein vanuit Luik. Voor velen is het de eerste etappehalte op de populaire GR 57 route. De steile valleiwanden langs de sterk meanderende Ourthe roepen typische Ardennenbeelden op, maar vergis je niet, dit is nog steeds de oostelijke rand van de Condroz.

Haie des PauvresTot de Hoeve van Rosière, vandaag een manège, lopen beide GR's samen. Niets laat vermoeden dat hier sinds de 12de eeuw cisterciënzermonikken verbleven. GR 57 neemt afscheid van de Ourthe om op te klimmen naar de bekende Roche aux Faucons, terwijl ons traject netjes de rivieroever volgt. Zo zien we de rotsen ook eens van beneden. Uiteindelijk nemen ook wij afstand van de rivier en klimmen naar Avister. Op die manier snijden we de Ourthemeander af waarin Hony ligt. Bij Méry staan we terug bij de rivier. Het dorpje ligt behaaglijk tegen de valleiwand aangeschurkt. We stappen de brug over, lopen even langs de waterkant en stijgen dan langs kerk en smalle straatjes de bebouwde kom uit.

Door bos klimt het langzaam verder tot we even de wit-rode draad verliezen. Iets later vinden we de tekens terug op een dwarsend pad. Een geasfalteerde weg leidt tussen recente villa's en tuinen die elkaar de loef afsteken in grootte en troosteloosheid. De plek heet En Tarbois en hoort bij Beaufays.

Hoog tijd om terug wat bos in te duiken, waar we langs een soms nauwelijks zichtbaar spoor enkele beekjes volgen. Eenmaal het bos uit lopen we af op het gehucht Hayen, wat later gevolgd door Hautgne. En dan is het weer klimmen. Bijna boven worden we beloond met een prachtzicht over de streek. Dat is het voordeel als je in open terrein stijgt. Via een beekvalleitje gaat het naar Haie des Pauvres, dan naar Haie des Chênes. Ondanks al die gehuchten blijven we door een bij uitstek landelijk gebied lopen.

De fel geaccidenteerde en bosrijke landschappen van de Ourthevallei liggen nu wel definitief achter ons. De typische elkaar opvolgende tiges en chavées van de Condroz worden duidelijk zichtbaar in het landschap. Bij de verkeersweg tussen Lincé en Hornay twijfelen we even. Zullen we hier na 18 km de route verlaten om in Hornay de bus naar Luik te nemen? Maar het is nog vroeg, en de benen voelen nog goed aan. Bovendien lijkt het erg onwaarschijnlijk dat er in Hornay iets te drinken valt terwijl we op de bus wachten. Dus stappen we maar verder.

De Condroz-panorama's blijven zich aaneenrijgen. Een verrassende weidedoorsteek brengt ons in Xhignez. We bereiken de N678 die naar het 1,7 km verder gelegen Sprimont loopt. Deze 'Porte des Ardennes' is vooral bekend door de vele steengroeves die er tot in de 20ste eeuw uitgebaat werden. Het is ook de plaats waar in een grot de oudste sporen van menselijke aanwezigheid in de Benelux - 500.000 jaren geleden - gevonden werden. En voor ons is het de plaats waar we na bijna 22 km wandelen een café vinden in afwachting van de bus die ons naar Luik moet brengen.

 

Les Avins   Even een stukje bos 

ETAPPE 2

Les Avins - Barse

We verlaten even de GR 575/576 hoofdroute om de variant tussen Les Avins en Grand-Marchain te verkennen. Dit wandelstuk is nauwelijks 13,5 km lang, maar wegraken met openbaar vervoer uit Grand-Marchain is niet vanzelfsprekend. Daarom zullen we op de hoofdroute nog even verder moeten lopen tot Barse. Daar passeert TEC bus 126a die ons terug moet brengen naar Hoei. Het is dezelfde bus die ons ook in Les Avins bracht.

Neem de tijd om in Les Avins eens goed rond te kijken. Het is een typevoorbeeld van een dorp in de Condroz: enkele grote ommuurde hoeves opgetrokken in grijze bouwsteen overheersen het sober straatbeeld. In een artistiek atelier komen beeldhouwers uit alle windstreken de 'petit granit' bewerken die nog altijd in enkele groeves gewonnen wordt.
Vanuit het dorp staan we al vlug bij de Hoyoux. Dit 28 km lange riviertje situeert zich volledig binnen de Condroz. Hoe onopvallend ook, bij Modave in een smalle diepe vallei kent de Hoyoux het snelste debiet van alle Belgische rivieren. Een modderig pad voert langs het nog vrij bescheiden waterloopje. Waar het terrein verandert in een mooie groene grasvlakte lopen de Hoyoux en haar zijbeek, de Ruisseau de Pailhe, netjes gekanaliseerd door een waterwinningsgebied. Het hier opgevangen water is bestemd voor Brussel waar er dagelijks zo'n 200.000 mensen mee bevoorraad worden.

Boven de vallei staat het indrukwekkende kasteelcomplex van Modave. Het kasteel vindt zijn oorsprong in de middeleeuwen en was tot midden 20ste eeuw altijd privébezit, onder meer van de Montmorency's, een van de belangrijkste en oudste Franse adellijke families.
Aan de kasteeltuinen is een merkwaardige primeur verbonden. In 1668 bouwde een eenvoudige timmerman, Rennequin Sualem, een hydraulische machine die het water van de Hoyoux meer dan 50 meter hoger oppompte naar de waterpartijen en fonteinen van het kasteel. Baron Arnold de Ville, een kennis van de toenmalige kasteeleigenaar, kopieerde de plannen en stelde ze voor aan de Franse koning Louis XIV. Die was op zoek naar een manier om het water uit de Seine 150 meter hoger te transporteren naar de tuinen van Versailles. Arnold de Ville stelde zichzelf voor als bouwmeester en riep de hulp in van Rennequin Sualem. En zo werd in 1681 de Machine van Marly gebouwd die 133 jaren lang de tuinen van het Kasteel van Versailles zou bevloeien. Baron Arnold de Ville werd er vorstelijk voor beloond. Rennequin Sualem, de echte uitvinder van de machine die Louis XIV beschouwde als het achtste wereldwonder, moest het stellen met een karig loontje in ruil voor het onderhoud van de machine.

We dalen terug af naar de Hoyoux, passeren een steil rotsmassief en lopen Pont de Bonne in, ideaal plaatsje voor een pitstop. Enkele kilometers verder verlaten we de vallei en klimmen naar een open plateau vanwaar het richting Grand-Marchain gaat. We lopen nu bijna loodrecht op de hoogtelijnen die de tiges en chavées van het Condroz-landschap vormen.
Terug op het hoofdtraject volgen nog 2 mooie dalende kilometers tot bij het vroegere treinstation van Barse. De spoorweg, nu Ravel 126, is al lange jaren vervangen door TEC bus 126a.

 

PRAKTISCHE INFO

De topogids GR 575/576 - Tour du Condroz is verkrijgbaar in de webshop van groteroutepaden.be. De gpx-track is vrij te downloaden op grsentiers.org. Meer info en foto's vind je ook hier in de rubriek GR's in Wallonië (in voorbereiding).

 
 
 
Deze website gebruikt cookies. Sommige zijn noodzakelijk voor de werking van de website, andere helpen om de werking van de website te verbeteren en om bezoekers een betere surfervaring te bezorgen. Je kunt zelf beslissen of je cookies toelaat of niet. Bij weigering zou het kunnen dat niet alle mogelijkheden van de website functioneren.